Corporate Entity

De Plek

In 1958 kreeg Wessel Couzijn formeel de opdracht van Unilever een schetsmodel te vervaardigen voor een beeld bij het nieuwe kantoor in Rotterdam. In 1959 werd het ontwerp goedgekeurd en in 1960 werd het, als onderdeel van een solopresentatie van het werk van Couzijn, in het Nederlandse paviljoen op de 30e Biënnale van Venetië tentoongesteld.

De productie van het beeld duurde in zijn geheel meer dan drie jaar, waarvan er twee nodig waren voor het gieten en assembleren. Omdat het beeld in cire-perduetechniek zou worden gegoten, diende men een gietmodel op ware grootte te vervaardigen. Voor het opbouwen van dit model werd indertijd speciaal een loods ingericht aan de Weteringschans in Amsterdam. Omdat een wasmodel met het beoogde formaat onder het eigen gewicht in elkaar zou zakken, ontwikkelde Couzijn speciaal voor dit project een nieuwe methode. Met boetseerwas modelleerde hij het gietmodel om een geraamte van plexiglas.

Dat model werd verzaagd in ruim zestig stukken, die allemaal in een mal van vuurvast materiaal werden omgezet, onder hoge temperatuur uitgestookt en afzonderlijk in brons afgegoten. Alle fragmenten kregen een zuurbadbehandeling en na grondige reiniging werden de ruim zestig losse onderdelen met een speciale lasmethode aan elkaar gelast tot drie afzonderlijke segmenten. Om de kwaliteit van het laswerk te kunnen beoordelen, werden regelmatig – vooral van de kwetsbare plekken – röntgenfoto's gemaakt.

Wegens het immense formaat geschiedde het transport naar Rotterdam, november 1962, over het water. Met een platbodemschuit voer men in twee dagen over het IJsselmeer, via het Amsterdam-Rijnkanaal, de Lek en de Nieuwe Maas naar de Coolhaven. Vanaf daar ging het transport per trailer naar het Burgemeester 's Jacobplein, waar het op locatie werd geïnstalleerd. In 1963 werd het beeld onthuld. In 1992 verhuisde het met Unilever mee naar de nieuwbouw aan het Weena.