Carel Visser - 1928

Carel VisserPortret Carel Visser, Fotograaf: Toni Burgering

De in 1928 in Papendrecht geboren Carel Visser is een kunstenaar die de naoorlogse kunstgeschiedenis actief heeft meegemaakt en deze wat de beeldhouwkunst betreft mede heeft vormgegeven. Na zijn studie Bouwkunde aan de Technische Hogeschool te Delft bezocht hij de Haagse Academie voor Beeldende Kunst. In de periode van ruim vijftig jaar die daarop volgde, onderzocht hij fundamentele sculpturale problemen als opbouw, aanzicht, ruimte en verbinding tussen volumes.

Zijn vroege beelden, die omstreeks 1950 ontstonden, stellen voornamelijk dier- en plantfiguren voor. Vanaf halverwege de jaren vijftig laat hij de figuratie los en werkt hij voornamelijk geometrisch-abstract. Hij gebruikt in die tijd vaak ijzeren balken, platen en staven, die hij aan elkaar last. De afwerking van deze beelden (rechte lijnen die niet precies recht zijn, lasnaden die niet worden weggewerkt) weerspiegelt zijn weerzin tegen oppervlakkige perfectie. Belangrijke
thema´s zijn het onderzoek naar de werking van stapelingen, kantelingen, rotatie en spiegeling in de ruimtelijke sculptuur.

Naast ruimtelijke objecten en installaties maakt Visser tekeningen, houtsneden en collages. Vooral uit de collages – waarvan het materiaalgebruik steeds gevarieerder wordt en het vergankelijke karakter aan de arte povera doet denken – blijkt de invloed van deze tweedimensionale experimenten op zijn ruimtelijk werk.

In zijn assemblages van 'objets trouvés' verwerkt Visser zeer diverse materialen, voorwerpen en vormen, die soms tezamen in brons worden afgegoten. Later voegt Visser ook slappe, minder conventionele materialen toe aan zijn repertoire, zoals leer en rubberen autobanden. Zijn abstracte beelden worden dan meer open van karakter. Na de jaren tachtig keert in zijn werk de figuratie steeds meer terug, maar alleen in zijn recente werk beeldt hij enkele malen de mens uit.